Welke notensoorten zijn eigenlijk helemaal geen noten?
Pinda’s, amandelen, cashewnoten en pistachenoten. We gooien ze vrij makkelijk op een hoop (soms letterlijk als je een fijne notenmix koopt), maar botanisch gezien zitten er wel degelijk verschillen tussen. Sterker nog, sommige noten zijn eigenlijk helemaal geen noten. Om dat eens te verhelderen, duiken we in de notensoorten die eigenlijk helemaal geen noten zijn. We geven je een handvol voorbeelden van vruchten die we vrij makkelijk bestempelen als noten, maar die deze titel stiekem niet verdienen.
Wanneer is een noot eigenlijk een noot?
In het dagelijks leven wordt het woord ‘noot’ vrij ruim gebruikt. Men neme een harde buitenkant, een eetbare kern en een gewillig vuistje om de noten uit te eten en hóp: noot. Zo gaat het natuurlijk niet in de wetenschap. Een botanicus is een stuk strenger. Een echte noot is een droge vrucht met meestal één zaad, waarbij de harde vruchtwand niet vanzelf openspringt om het zaad vrij te laten. Met die definitie vallen opeens tal van notensoorten buiten de boot.
De pinda: eigenlijk een peulvrucht
Misschien wel de bekendste verstekeling: de pinda. Pinda’s zijn eigenlijk peulvruchten en familie van erwten, linzen en bonen. Pinda’s groeien op een bijzondere manier; na de bloei buigen de stengels van de pindaplant richting de bodem, waarna de vruchten zich onder de grond ontwikkelen. In elke peul zitten dan meestal meerdere pinda’s.
De amandel: het zaad van een steenvrucht
De amandel behoort ook niet tot de notensoorten. Hij groeit in een vrucht aan de amandelboom. Binnen die vrucht bevindt zich een harde pit, waarin het gedeelte zit dat wij eten als de amandel. Hij lijkt dan ook meer op vruchten als perziken, pruimen en kersen. Het enige verschil is dat wij bij de perzik het vruchtvlees eten en bij de amandel juist het zaad binnen in de pit.
De cashewnoot: een zaad onder de vrucht
De cashewnoot is een aparte snuiter onder de notensoorten. Cashewnoten groeien aan de cashewboom, samen met een soort schijnvrucht. De cashewappel, zoals deze schijnvrucht heet, heeft aan de onderkant een harde structuur hangen, met daarin het zaad dat uiteindelijk als cashewnoot in de winkel terechtkomt. Botanisch gezien is de cashew een zaad en geen noot.
Pistachenoot: evenmin een noot
De pistachenoot is eigenlijk het eetbare zaad van een steenvrucht. Tijdens het rijpen wordt de harde schaal rond het zaad zichtbaar en springt deze meestal geleidelijk open. Dat verklaart meteen waarom pistachenoten zo vaak met die ‘kier’ in de schaal worden verkocht.
Walnoot: zelfs over deze noot is discussie
De walnoot is niet immuun voor de botanische discussie over wat nu onder de notensoorten valt en wat niet. De vrucht groeit met een groene buitenlaag rond de harde schaal. Binnen die schaal bevindt zich het eetbare zaad, dat gerimpelde deel dat wij kennen als de walnoot.
Welke notensoorten zijn wel echte noten?
Notensoorten die dan wel degelijk echte noten zijn, zijn bijvoorbeeld hazelnoten. De hazelnoot is botanisch gezien helemaal een noot. Andere voorbeelden zijn de eikel, de tamme kastanje en het beukennootje. Allemaal echte noten.